Spiritualiteit, Kunst en Wetenschap 

Bewustzijn in relatie tot kennis

Hoe bewustzijn in relatie tot kennis staat, wordt pas duidelijk als er enige helderheid bestaat over wat bewustzijn is en doet en welke verschillende vormen van kennis te onderscheiden zijn. Om met bewustzijn te beginnen kunnen we stellen dat het een synoniem is voor de ziel, bekend als de middelaar tussen geest en stof. Bewustzijn ontstaat wanneer geest (energie of leven) en stof (vorm of lichaam) zich door incarnatie verenigen. Zo zal de relatie tussen deze twee polen zich tonen als bewustzijn van de laagste tot de hoogste graad. Bewustzijn doordringt alle objectieve vormen, het ligt aan alle vormen ten grondslag, of dit de vorm is van de kleinste energie-eenheid die wij een atoom noemen of die van een mens, planeet of zonnestelsel. Er is één leven, één samengestelde energie, waaruit alle levens vorm aannemen om zich uit te drukken in hun passende sfeer of bestaanstoestand. Om ons tot het leven in de menselijke vorm te beperken: wij belichamen onze bepaalde bewustzijnsstaat of trilling om deze in de stof te verwezenlijken met de bedoeling bewust te worden van onszelf of anders gezegd ons op alle lagen van bestaan te leren kennen. Want kennen wij onszelf dan kennen we de ander. Door middel van bewustzijn leren we onderscheid te maken tussen de handelingen en het denken van de persoonlijke mens en die van de werkelijke geestelijke mens die we zijn, tussen het niet-zelf en het zelf. Alle leven is trilling in de vorm en de graad of snelheid bepaalt of deze dicht, subtiel of nog ijler is, afhankelijk van hoe we in ontwikkeling vorderen. Onze trilling of grondtoon wordt vastgesteld in de incarnatie die aan dit huidige leven voorafgaat. We beginnen in een vorm met z’n bepaalde trilling of graad van bewustzijn, maar bouwen tijdens elke incarnatie aan een nieuw en gevoeliger uitdrukkingsinstrument. Zo groeien we naar het bewustzijn van eenheid. Hoe verder we gevorderd zijn op de innerlijke weg, hoe bewuster we gaan werken. We zullen dan uitgaan van het grote geheel en beseffen dat ons zonnestelsel de centrale eenheid is die in tijd en ruimte gekend wordt als samengesteld te zijn uit alle energieën, bewustzijnstoestanden en vormen bij elkaar. Vallen de bewustzijnstoestanden tijd en ruimte weg, dan blijft de eenheid over en zal alleen geest voortbestaan, maar telkens met een verhoogde trilling en een versterkte mate van licht die we bij een volgende incarnatie zullen meenemen als grondtoon van weer een nieuw bestaan. In dit nieuwe aardse leven zullen we ons bewustzijn weer verder uitbreiden. Elke vordering die we individueel, als groep en uiteindelijk als hele mensheid maken, draagt bij aan het vervolmaken van het geheel.

Wat is nu de relatie tussen bewustzijn en kennis? De verschillende graden van bewustzijn zijn bepalend voor de drie te onderscheiden vormen van kennis. Ten eerste hebben we de theoretische kennis die bestaat uit alles wat we menen te weten door uitspraken van anderen, van op verschillende gebieden werkzame specialisten. Deze kennis wordt, vertrouwend op de autoriteit van de ander, direct aangenomen. Ten tweede is er de zogeheten wetenschappelijke kennis, waarbij dat wat niet bewezen kan worden verworpen wordt en dat wat onderzocht kan worden en in overeenstemming is met wat juist wordt geacht, bewaard blijft. Deze wetenschappelijke kennis heeft ons veel waarheid gebracht over ons aards bestaan, de uiterlijke wereld. Maar er is meer, er zijn zoveel meer aspecten van de waarheid met eigen wetten, waar we kennis van kunnen nemen door middel van de intuïtie. Dit betekent dat ons denkvermogen begrip krijgt van de ruimere waarheid die door onze ziel gekend wordt. Het gaat hier om kennis van de energieën en krachten waarin we bestaan en hoe die alles teweegbrengen wat we kunnen zien. Met een door meditatie getraind, of hoe dan ook ontwikkeld eenpuntig gericht en open denkvermogen, kunnen we door begrip de juiste aanpassingen doen die tegemoet komen aan de behoeften en eisen van deze tijd. Dat ik telkens zo de nadruk leg op het belang van meditatie heeft alles te maken met het feit dat mediteren de uitgelezen mogelijkheid is in contact te zijn met onze ziel. Zo krijgen we steeds meer kennis van de eeuwige waarheden. Meditatie betekent in eerste instantie eigenlijk onze aandacht weten te richten op een hoger gelegen doel en deze weten vast te houden. Of anders gezegd: meditatie is in wezen concentratie en verlengde eenpuntige concentratie die ons in contact brengt met nieuwe bewustzijnsgebieden, waar nieuwe aspecten van de waarheid gekend zijn.

Door de jaren heen hebben grote denkers hun denkvermogen geoefend, waardoor ze de aandacht gericht hebben kunnen houden en ontvankelijk zijn geweest voor andere werkelijkheden. Maar het waren maar enkelingen die hiertoe instaat waren en zij incarneerden ook nog eens met grote tussenpozen. Tegenwoordig echter zien we hoe we een gestaag groeiende groep vormen die zich zo mentaal weet te ontwikkelen dat we van de intuïtie gebruik kunnen maken en door ervaring leren dat intuïtieve kennis ons naar nieuwe gebieden van wetenschap zal brengen. Evenwijdig hieraan zullen we ons bewust zijn dat hoe groter onze ware kennis van de werkelijkheid wordt, hoe meer verantwoordelijkheid we gaan dragen deze in volledige harmonie uit te drukken en zo zuiver mogelijk te delen, met als resultaat gecoördineerd te kunnen samenwerken voor het hoogste goed van mensheid, aarde en het grote geheel.

One Response

  1. Beste Titia,  

    Weerom een mooi artikel!  Zoals je weet heb ik de voorbije twee jaar op regelmatige basis gemediteerd. En zoals je in je artikel beschrijft kan ik uit ervaring zeggen dat het me meer concentratievermogen, vertrouwen in de werkelijkheid en begrip van deze en andere realtiteiten bijgebracht heeft. Zelfs meer, meditatie is een natuurlijk onderdeel van mijn leven geworden. Ik hoop dat het in de toekomst voor een steeds grotere groep van de mensheid zo zal zijn en dat wij dit aan onze kinderen kunnen meegeven. Dit zou op school in hun lessenpakket moeten geïntegreerd worden.

Geef een reactie

 
Home Wetenschap Bewustzijn in relatie tot kennis